Niek Geelhoed, directeur Kabelnoord

Opeens glasvezelconcurrentie in het buitengebied?

31 januari 2019

Heel Nederland gaat voor telecom en internet geleidelijk over naar glasvezel. KPN heeft al ruim 2,3 miljoen woningen op glasvezel aangesloten en voegt daar de komende 3 jaar 1 miljoen aan toe. Ook andere partijen doen mee en de teller staat al op 4 miljoen aangesloten woningen.

Het buitengebied blijft daarin achter. Dat heeft alles te maken met de hoge kosten voor de aanleg van glasvezel. Hoe verder er gegraven moet worden, hoe duurder de aansluiting wordt. Bestaande telecompartijen kregen het financiële plaatje voor deze aansluitingen niet rond en leggen dus geen glasvezel aan buiten de kernen.

Provinciale overheden springen daarom vaak bij om de aanleg in het buitengebied wel mogelijk te maken. Zo loopt in Friesland een project van Kabelnoord met steun van de provincie.
De afgelopen jaren hebben zich echter nieuwe partijen gemeld die wel bereid zijn om glasvezel op het platteland aan te leggen. Hoe kan dat? Is de aanleg goedkoper geworden? Zeker niet. Nemen die partijen genoegen met een lager rendement? Ook niet, de nieuwe spelers zijn vaak eigendom van investeringsfondsen en die staan er juist om bekend dat ze naar hoge rendementen streven.

Dan blijft alleen de mogelijkheid over dat de nieuwe partijen de toekomstige inkomsten uit het netwerk hoger inschatten. Daarbij valt op dat men een voorkeur heeft voor aanleg naar de duurdere percelen; de goedkopere worden overgeslagen.

Investeringsmaatschappijen blijven vaak een jaar of 5 eigenaar van een bedrijf; langer vasthouden levert te weinig extra rendement op, het geld kan beter in een nieuw opkooprondje worden gestopt. Daarom wordt het bedrijf na een paar jaar met flinke winst van de hand gedaan. Dat gaat bij deze glasvezelnetwerken ook gebeuren. De toch al dure netwerken worden overgedaan aan een koper die maar moet zien er ook winst mee te maken.

Kennelijk voorzien de investeringsmaatschappijen dat dit mogelijk is. En ze hebben gelijk. Want in het buitengebied komt op het gebied van glasvezel geen concurrentie, juist vanwege de hoge aanlegkosten. Daarom heeft de eigenaar van het glasvezelnetwerk daar in feite een monopolie. En is er dus alle ruimte om de tarieven op een fors niveau te brengen.

De enige die hierop kan ingrijpen, is de toezichthouder ACM. Maar de afstand tussen de huidige netwerktarieven en de norm van de ACM, is groot. Er kunnen makkelijk een paar tientjes per maand meer worden berekend voordat de ACM echt kan ingrijpen. En dat biedt zicht op mooie opbrengsten in de toekomst. Want de klanten zitten vast aan infrastructuur. Het is niet voor niets dat het eigendom van water-, elektriciteits- en gasleidingen in overheidshanden is gebleven. Bij de digitale snelweg is men even vergeten dat goed te regelen. Toch jammer.

Niek Geelhoed
Directeur Kabelnoord